Op plekken waar al langer rozen staan lukt het vaak niet nieuwe rozen aan te planten. Ze groeien er niet en bezwijken uiteindelijk aan rozenmoeheid. Het rozenaaltje is hier de belangrijkste oorzaak van. Met een mycorrhiza-dip kun je de rozen beschermen tegen deze uitputtingsziekte.
Om rozenmoeheid te voorkomen wordt vaak geadviseerd om de grond 60 cm diep af te graven en een laag nieuwe grond op te brengen. Ook kun je afrikaantjes zaaien en deze in het najaar onder spitten. Beide maatregelen zijn echter kostbaar en tijdrovend.
Een andere mogelijkheid is de nieuwe aanplant behandelen met mycorrhiza-schimmels. Rozen maar ook roosachtigen zoals fruitbomen en sierheesters leven van nature in symbiose met deze schimmels. De goedaardige bodemschimmels koloniseren de rozenwortels en vergroten de opnamecapaciteit voor nutri‘nten en water, in ruil voor suikers uit de fotosynthese. Het grootste gedeelte van de wortels (75 tot 95%) van rozen in het wild is bezet met mycorrhiza-schimmels. Dit verhoogt de natuurlijke weerstand tegen ziekten en stress.
De plantvriendelijke mycorrhiza-schimmels die in Europa inheems zijn dringen tot in het wortelgestel van de planten door. Deze schimmels zorgen voor een explosieve groei van het wortelgestel en hebben een zeer nauwe samenwerking tot beider voordeel (symbiose).
Verschillende plantsoorten gedijen het best indien een schimmelcultuur de wortels omringt en ‘werken’ dan ook flink aan de instandhouding van deze 'indringers'.
Vooral bij nieuwe aanplant van planten zonder kluit moeten de nieuwe planten het stellen zonder deze nuttige schimmels. Het van nature opbouwen van een goede hoeveelheid van deze mycorrhiza duurt vaak lang, langer dan uw tere planten tijd hebben.
Door het kunstmatig toevoegen van de juiste Mycorrhiza-stammen zal de nieuwe plant veel sneller aanslaan en een veel sterker en gezonder wortelgestel ontwikkelen.
Het verschil is ronduit verbluffend te noemen.
Ook op de slechtere gronden of uitgemergelde grond zal het resultaat meetbaar beter zijn.